Spring naar inhoud

Dit interview (door: Annemarie Appelman) stond sinds 2020 gepubliceerd op de website van Scolea.
Het linkje naar het artikel werkt inmiddels niet meer, hierbij de ruwe tekst versie.

Hierin geef ik wat uitgebreider mijn visie op intervisie en collegiale coaching. O.a. over de niveau's van leren en de meerwaarde van groepsdynamica. En over het belang van het elkaar 'live' ontmoeten.

Intervisie: de kracht van de groep
Erik Kooij is docent en intervisiebegeleider bij Scolea. Vanuit zijn eigen praktijk Erik Kooij Training & Advies helpt hij mensen in organisaties bij het realiseren van hun ontwikkelingsdoelen. We vroegen hem naar zijn visie op intervisie en het inzetten van de kracht van de groep.
Hoe zou jij intervisie definiëren?
Erik: ‘Er zijn veel verschillende manieren om het te definiëren. Intervisie is voor mij: collegiale coaching. Daarmee bedoel ik dat collega’s elkaar helpen met het vinden van oplossingen voor een ‘casus’ die een groepslid heeft ingebracht. In eerste instantie werkt een intervisiegroep met begeleiding, maar na verloop van tijd kan dit zelfstandig.
Een stapsgewijs gespreksmodel helpt om structuur in het gesprek te houden. Er zijn overigens vele gespreksmodellen, sommigen zijn gericht op ‘vertragen’, anderen werken juist ‘versnellend’. Een groep kan leren om hiermee te variëren door de methode af te stemmen op de aard van de casus en de leerdoelen van de groep.’
Wat kan intervisie voor verzuim professionals betekenen?
‘Het leuke aan intervisie is dat je bij de inbreng van een casus nooit precies weet wáár de kern – en daarmee dus ook de oplossing – ligt,’ aldus Erik. ‘Dit is in het werk van de casemanager of re-integratiespecialist vaak net zo: er zijn weliswaar kaders en richtlijnen, maar er bestaat geen vast ‘recept’ dat altijd werkt. De kern van intervisie is: samen zoeken, vragen stellen en de verschillende invalshoeken in de groep leren inzetten.’
Intervisie levert je het volgende op:
• concrete oplossingen voor lastige situaties;
• zelfinzicht en bewustzijn van je eigen aannames;
• inzicht in anderen en waardering voor ‘andere’ invalshoeken;
• coachingsvaardigheden: iemand helpen door vragen te stellen;
• inspiratie en nieuwe ideeën.

Erik: ‘In de opleidingen tot Casemanager en Re-integratiespecialist bij Scolea is intervisie vaak het thema van de laatste dag voor het examen. De intervisiedag geeft deelnemers de kans om alle opgedane kennis en vaardigheden toe te passen op zelf ingebrachte casussen uit de praktijk.
Vooraf denken deelnemers soms dat het daarbij alleen over de inhoudelijke kanten van een casus gaat. Achteraf zijn ze vaak verrast (en blij) hoe belangrijk het persoonlijke aspect is. Ze hebben dan al heel wat opleidingsdagen met elkaar doorgebracht en veel van elkaar geleerd. Het leerklimaat in de groep is dan meestal zo open en veilig geworden, dat er veel waardevolle adviezen en persoonlijke feedback gegeven kunnen worden.’
Drie niveaus van leren in intervisie:
‘Ik gebruik het begrip ‘learning loops’ om de niveaus van leren binnen intervisiegroepen te onderscheiden. Je hebt single loop learning, double loop learning en triple loop learning,’ aldus Erik.
Single loop learning; hierbij gaat het om het bespreken van een casus in termen van probleemoplossing. Vragen die in deze eerste ‘loop’ gesteld worden, zijn bijvoorbeeld:
• Hoe ziet de situatie eruit?
• Wat zijn oorzaken?
• Hoe zien de instandhoudende factoren eruit?
• Wat zou je kunnen doen?
• Welke alternatieven zijn er?
• Wat is de beste optie?
• En wat ga je nu doen?

Double loop learning; hierbij bespreek je naast de situatie en het gedrag ook de perceptie en de aannames van de casus-inbrenger. Het uitgangspunt is dat de houding van de casus-inbrenger ten grondslag ligt aan de probleembeleving van de situatie. Door dit in het bespreken van de casus te betrekken, vindt de casus-inbrenger zelf een oplossing die ook echt bij hem of haar past. Mogelijke vragen:
• Wat is je persoonlijke stijl?
• Welke aannames en overtuigingen spelen een rol?
• Welke aanpak kies je en waarom?
• Zie je alternatieven (niet)?

Triple loop learning; hierbij wordt er – naast persoonlijke aspecten – ook gekeken naar de aannames over elkaar en relaties in de groep: het meta-/interactieniveau. Door af en toe de groepsdynamiek te bespreken, leert de groep ook als groep. Relevante vragen kunnen zijn:
• Hoe gaan we om met verschillen in inbreng, motivatie, laatkomers, afzeggingen?
• Wie vervult er de procesrol?
• Wat voor cases worden vaak geagendeerd en wat lijkt ‘verboden terrein’?
• Wat kunnen we doen om als intervisiegroep nog effectiever te worden?

Hoe werkt de kracht van de groep in intervisie?
Erik: ‘Het is waar ik zelf echt het meest energie van krijg; het werken met groepen. Groepen kunnen echt energie geven, je kunt zo samen tot grote hoogte en creativiteit stijgen. Dat zie je bijvoorbeeld bij sportteams waarin ze elkaar zo goed aanvoelen en aanvullen dat er flow ontstaat. En het bewust worden van groepsdynamiek is zo leerzaam.
’Triple loop learning’ is leren van elkaar én: leren hoe je als groep leert. Voor het introduceren van ‘triple loop learning’ laat ik groepen vaak een oefening doen. Alleen al het bespreken van een casus in een andere vorm, bijvoorbeeld staand in een cirkel, geeft al zo’n ander effect. De fysieke opstelling doet er echt toe en het is mooi om een groep dat te laten ervaren.’
Contextuele krachten
‘Mensen willen graag samen iets doen of maken, denk bijvoorbeeld aan teamtrainingen. En in de activiteit die je samen onderneemt, kun je meteen zien hoe de groep functioneert, aldus Erik. ‘En zo kun je reflecteren op je eigen rol, welke reacties je oproept in een groep en wat jouw aannames zijn. Verzuim professionals krijgen in hun werk ook vaak met systemen en netwerken te maken. Wanneer cliënten reïntegreren hebben ze niet alleen last van bijvoorbeeld hun knie, maar ook van mensen in hun omgeving. Dit zijn de contextuele krachten.’
Positieve intervisiewerkvormen
Erik: ‘Een intervisiegroep kan dienen als proeftuin, waarin je – terwijl je samenwerkt aan elkaars casussen – leert over groepsdynamica. En deze inzichten komen in de praktijk weer van pas. Een vaak gehoorde aanname over intervisie is, dat het altijd over problemen of blokkades zou moeten gaan. Het is minstens zo zinvol om aandacht te besteden aan de positieve kant: de creativiteit en ‘helpende’ krachten in een groep (dit heet succesreflectie).’
Een groep als energiegever
‘Een dag werken met een intervisiegroep heeft voor mij hetzelfde effect als samen zingen of muziek maken. Groepen kunnen echt energie geven, je kunt samen tot grote hoogte stijgen,’ aldus Erik. ‘Dat zie je bijvoorbeeld bij sportteams waarin spelers elkaar zo goed aanvoelen dat ze elkaar ‘blind’ kunnen vinden. Ook bij sommige bands kun je horen hoe de spanning tussen de verschillende muzikanten echt tot synergie kan leiden, terwijl dit er voor de buitenwacht soms uitziet als ‘conflict’.
Ik vind het altijd zo mooi om te zien hoe intervisiegroepen zich ontwikkelen tot het niveau waarin de leden hun verbazing of afkeuring over hele andere invalshoeken overwinnen en ervaren dat juist ‘verkeerde’ vragen vaak tot creatieve doorbraken leiden!’
De onderstroom bespreekbaar maken
Erik: ‘In deze crisistijd leek de noodzaak voor intervisie even verdwenen te zijn, maar ik zie nu dat men er weer op terug komt. Van leidinggevenden in organisaties hoor ik vooral dat ze de echte verbinding, de spontane ontmoetingen en de persoonlijke contacten enorm missen. Online kun je wel goed vergaderen en beslissingen nemen, maar dingen die onder de waterlijn spelen, worden meestal niet besproken.
Ook voor intervisie zijn wel online varianten beschikbaar. Deze kunnen volgens mij prima werken voor intervisie op single- of double loop-niveau. Maar voor het online bespreken van relationele- en groepsdynamische processen zou ik daar voorzichtig mee zijn. Het bespreken van de onderstroom vraagt in mijn ervaring een veilig leerklimaat en dan is beeldbellen erg beperkt.’
Wanneer de groep vastloopt
Erik: ‘Wanneer groepen na een opleiding doorgaan als zelfstandige intervisiegroep, lopen ze na een tijdje soms vast. Dan wordt intervisie bijvoorbeeld een oppervlakkig theekransje met weinig diepgang. Of de cases die worden ingebracht, zijn altijd van hetzelfde ‘type’.
Soms denken groepsleden dat dit komt doordat ze vasthouden aan één bepaalde methodiek die niet meer voor ze werkt. Vaak vragen ze dan om een andere methode. Maar wanneer ik bij de groep aanschuif en bijvoorbeeld vraag wat er ‘onder tafel’ speelt of wat ze misschien vermijden, gebeurt er iets anders en wordt de onderlinge dynamiek zichtbaar.
De onderstroom is er altijd
Het draait vaak om het bespreekbaar maken van wat er in de onderstroom aanwezig is. Het is net als water, je ziet deze onderstroom niet, maar het is er wel – altijd. En net als bij de getijden van de zee: je kunt best een andere koers varen (‘tegen de stroom in zeilen’), maar je kunt de onderstroom ook in je voordeel laten werken (‘het tij mee hebben’).’
Tip: houd een procesevaluatie
‘Daarom adviseer ik intervisiegroepen om minstens één keer per jaar een procesevaluatie te houden, waarin met name deze ‘triple loop’-aspecten worden besproken,’ aldus Erik. Daarbij kan een externe begeleider meerwaarde hebben, die kan immers neutraal observeren en op een veilige manier feedback geven. Maar dat hoeft niet. In de meeste groepen zit altijd wel een deelnemer met oog voor procesaspecten; je hoeft het onderwerp eigenlijk alleen maar te agenderen.’
Elkaar ‘live’ ontmoeten geeft inspiratie
Erik: ‘zeker in deze tijden van ‘social distancing’, waarin collega’s en vakgenoten noodgedwongen alleen via digitale kanalen met elkaar in gesprek zijn, merk ik een sterke behoefte aan een goed gesprek en echt contact. Mijn suggestie voor de komende weken als de mogelijkheden tot ontmoeten weer uitgebreid worden, is de volgende:
Als je jouw intervisie qua kwaliteit en diepgang naar een nieuw niveau wilt brengen, huur dan een grote zaal of een Yurt (grote tent) af of ga ergens lekker in een tuin zitten en zet een kring stoelen op 1,5 meter afstand van elkaar. ‘Live’ wordt zoveel sneller duidelijk wat er speelt, wat de intervisiegroep belemmert of verder zou kunnen helpen. En als je dan eenmaal weer zo bij elkaar zit, merk je meteen hoe inspirerend het werken in een groep is!’

6

10 manieren om een ander te helpen

Er was eens een visser. Naast hem op de steiger stond een emmer, met daarin één vis.

Toen liep er een coach de steiger op, die zei:

“Dat wordt natuurlijk niks met zo’n ouderwetse hengel, zo vang je nooit wat!”. En hij haalde een uitschuifbare glasfiber werphengel tevoorschijn, met een enorme blinkende molen eronder. “Kijk eens, 'made in Norway', daar vangen ze joekels van zalmen mee!”. De visser dacht meteen ‘Hoe duur zou zo’n ding zijn? En hoe werp je met zo’n hengel? Met wat voor aas?’. De coach zag dat: “ik geef ook trainingen werptechniek. Je hebt geluk, zondag is er nog een plekje vrij, een dag kost € 500,— en dan krijg je deze nieuwe hengel erbij!”. De visser dacht: 'als ik zo meer vis ga vangen, kan ik de opbrengst delen met mijn familie en de rest verkopen’. Hij bekostigde zijn deelname met hulp van vrienden. Na de training ging de visser alle geleerde worpen en soorten aas uitproberen. Helaas ving hij nauwelijks méér vis dan daarvoor. En na een maand ging de molen ook nog kapot… Hij belde de coach, die zei: “ik kan je wel een hengel verkopen en je leren vissen, maar ik ben geen welzijnsinstelling. Bel de fabrikant en zeg maar dat ik je verwezen heb”. Zo betaalde de visser nogmaals een flink bedrag, voor een nieuwe molen. En zo ontving de coach nog een mooie commissie van de hengelfabrikant…

1. INSTRUMENTEEL COACHEN
Stijl: Productadvisering (’selling’).
Iemand die helpt, door je een middel of instrument aan te reiken. Dat voldoet op dat moment mogelijk wel aan een behoefte: je kunt zo’n ‘tool’ net nodig hebben of niet weten dat er iets handigs voor te koop is. Op lange termijn kunnen zulke oplossingen echter ook voor nieuwe problemen zorgen (denk: bepaalde computers, software en hun updates). Bovendien ontstaat er een afhankelijkheidsrelatie, waar in dit verhaal vooral de coach en fabrikant beter van worden.

Een dag later kwam er een andere coach voorbij, die uitriep:

“Als jij zo door blijft vissen met dat oude hengeltje van je, zit jij hier nog tot middernacht en komt je gezin om van de honger. Ik kan dit niet langer aanzien, ik ga je helpen!”. De coach liep naar een markt in de buurt en kocht daar vis, genoeg voor een paar dagen. Op de steiger teruggekomen zei de coach: “Hier man, eet maar lekker op. En doe de groeten aan je familie!”.

2. REDDEND COACHEN
Stijl: Expert advisering. Diagnose-recept-pil. (‘helping’).
Iemand die een oplossing vóór je regelt, maar die je niet helpt om de oorzaak zelf aan te pakken of het onderliggende probleem zelf op te lossen. De korte termijn-oplossing of zogenaamde ‘quick fix’. Vooral effectief bij technische of instrumentele problemen. Bijvoorbeeld als je auto niet start, wil je niet dat de Wegenwacht vraagt “wat denk je zelf dat de oorzaak is?”. Dan wil je dat hij een startkabel gebruikt, de accu oplaadt of vervangt.

Toen de gekochte portie vis bijna op was, kwam er weer een coach langs:

“Willen ze een beetje bijten?… Ik heb hier vroeger ook wel gevist, maar dan voelde ik me achteraf zo slecht over mezelf! Toen ben ik erover gaan lezen en wat blijkt: vis is helemaal niet zo gezond als gedacht wordt. Je weet immers niet wat ze gegeten hebben, met al die dioxines en PCB’s. Ik eet nooit meer vis. Kijk maar eens op m’n blog ‘Ik Mis Geen Vis’ of kom zondag naar mijn kookclub!”.

3. AUTOBIOGRAFISCH COACHEN
Stijl: Projecterend adviseren (‘self-centered’).
Iemand die jou advies geeft, op basis van eigen ervaringen. Uitzonderingen daargelaten, werkt deze coach vanuit de aanname ‘wat goed is voor mij, is goed voor jou. Deze stijl is erg populair op sociale media, waar allerlei zelf-benoemde coaches hun boodschap graag met je willen ‘delen’ (als in: ik zend, jij ontvangt). Deze stijl is effectief, als je je wil láten inspireren door iemand anders.

De dag daarna kwam er een coach langs, die duidelijk een opleiding had gevolgd:

“Wow, ben jij nou aan het vissen met een houten hengel? Mag ik hem even vasthouden? Ik was 20 jaar teamleider in een houtzagerij. Toen kreeg ik een burn-out en heb ik de opleiding Life-Fishing gedaan, gegeven door een oud-marinier. Wat een wijsheid en levenservaring, zó veel van geleerd!”. De visser overhandigt schoorvoetend zijn hengel en de coach ratelt verder “kijk, als je hem nou zó vasthoudt, vang je sowieso al meer. En je moet natuurlijk met levend aas gaan vissen, dan vang je het grotere spul. En…”

4. BELEREND COACHEN
Stijl: Doceren, leren (‘teaching’).
Iemand die ideeën aandraagt, met een bepaalde theorie, cursus of ’leer’ als basis. Deze coach legt je graag iets uit, maar vergeet op te vragen of dit wel aansluit bij jouw doelen of belevingswereld. Aanname: ik weet wat goed (voor jou) is. Als je toevallig behoefte hebt aan deze kennis of wijsheid, is dat meegenomen. Deze stijl heeft vooral effect op cognitief- of overtuigingsniveau, niet op gedragsniveau; je weet nu wel wat je anders moet doen, maar daarmee doe je het nog niet anders.

Een variant hierop is de coach, die het zó druk heeft met optredens dat hij geen tijd meer heeft om te wandelen. Op een avond vindt de visser achter de ruitenwisser van zijn auto een flyer:

“Kom naar het congres Ontwikkelingsgericht Vissen, laat je inspireren door veelgevraagd business-coach Wilco Tegelkachel. Schrijf je in voor de workshop “Vang meer vissen in 5 minuten. Leer hoe de vissen vanzelf naar je toe komen, door je écht open te stellen!”

5. BEKEREND COACHEN
Stijl: combinatie van preken & coaching (’proaching’)
Vaak staat er een prestatie of beproeving van de coach centraal. Individueel inzicht (zo werkt het bij mij) wordt soms zonder enige toetsing vertaald naar andere mensen (zo werkt het voor iedereen). Op dat moment kan zo'n verhaal dan wel inspirerend zijn, in de praktijk blijft er weinig van hangen, althans in termen van gedragsverandering.
Spoiler: de kernboodschap is meestal dat jij zelf verantwoordelijk bent voor je eigen geluk of problemen. Alleen hoor je dat in een zaal met 500 andere mensen, die net als de visser ook een flink entreebedrag hebben afgetikt…
Dit laatste - een combinatie van conformeren aan de groep en cognitieve dissonantie - maakt dat mensen vaak ‘overtuigd’ naar buiten komen en anderen ook gaan overtuigen.

Toen kwam er iemand langs, met allemaal emblemen en insignes op zijn jas. En die vroeg:

“Wacht, dat is toch een Fishywood hengel?”. Dan heb ik echt iets voor jou! Ik ben namelijk ABC-Master en ik kan jou leren vissen met de Aqua-Brain-Centered-methode. Die is onderzocht aan de Universiteit van Alaska en je weet hoeveel vis daar gevangen wordt! Ik ben trouwens ook gecertificeerd DDD-Coach. DDD-learning is een mooi vervolg op ABC. En als je dan nog verder de diepte in wil, kun je een keer meedoen in een EFG-Intensive. Daarna ben je A t/m G Practitioner en kun je zelf anderen gaan trainen!”.

6. METHODISCH COACHEN
Stijl: gebaseerd op een school of opleiding ('educating').
Iemand die je helpt, met een bepaalde methode als richtlijn. Of deze wel past bij je vraag, wordt hopelijk eerst kritisch onderzocht in een intakegesprek. In ieder geval wordt de methode zorgvuldig toegepast. En soms kun je deze techniek ook zelf leren inzetten. Sommige scholingsinstituten spelen in op deze behoefte en spiegelen je een prachtige toekomst als Methode®-coach voor. Zo ben je jaren zoet met opleiden en met het behalen van allerlei 'levels', met soms pyramidespel-achtige afdrachtsconstructies. Effect is in ieder geval dat de visser zijn investering wil terugverdienen en allerlei anderen (ook niet-vissers) gaat aanraden: “ABC, dat is écht iets voor jou!”.

Daarna kwam er een coach, die vragen begon te stellen:

“Zó, jij zit hier al lang! Ze willen niet erg bijten hè? En die hengel, heb je die zelf gemaakt? Oh, nog van je vader geërfd… ving hij daar vroeger veel méér mee, zeg je? Tja, tijden veranderen, misschien past deze hengel niet meer bij de visstand van vandaag. Of misschien is alle vis er al uitgevist? Ben je niet teveel aan het vasthouden aan een oud paradigma? Hey, als je nog eens wilt sparren, ik heb een coachingspraktijk voor vastgelopen vissers; hier is mijn kaartje!”.

7. PROBLEEMGERICHT COACHEN
Stijl: therapeutisch (‘consulting’).
Helpen door inzichtgevende of confronterende vragen te stellen, zodat je zelf tot een oplossing komt (of tot de conclusie dat het probleem nog ernstiger is dan je dacht:). Aanname: je bent pas geholpen als je je probleem onder ogen ziet en tot ‘de kern’ daarvan doorgedrongen bent. Effectief bij problemen die sterk met je persoon samenhangen. Vooral geschikt voor mensen die sterk gemotiveerd zijn om meer inzicht in zichzelf te krijgen en die zelf oplossingen willen zoeken, die echt bij hen passen.

Op een dag verscheen er een coach, die in een andere school was opgeleid:

“Dat ziet er authentiek uit, zo’n hengel… hoeveel heb je gevangen: één vis? Ik bewonder je geduld en doorzettingsvermogen! Maar als je nou méér vissen wilt vangen, is het dan niet handiger om twéé hengels tegelijk uit te zetten? Of zou je een langere hengel kunnen maken? Of ander aas kunnen gebruiken? Oeps, nou zit ik je ongevraagd te adviseren, wacht, ik stel een vraag: wat heb jij nodig om meer vissen te vangen?”

8. OPLOSSEND COACHEN
Stijl: doelgericht, adviserend (‘solving’)
Paradigma: er zijn geen problemen, alleen uitdagingen. Deze stijl lijkt helpend, maar kan soms ook sturend of oordelend overkomen. Gaat voorbij aan dat wat jouw probleem veroorzaakt of in stand houdt ('ziektewinst'). De metaboodschap is: jij moét veranderen. Deze stijl is populair onder managers, die daarbij onderschatten dat hun eigen belang - ook tussen de regels - best wel duidelijk doorklinkt. Vooral effectief als je een duidelijke vraag hebt en snakt naar een oplossing, of als je geen behoefte (meer) hebt aan zelfanalyses.

Toen kwam er een wandelaar de steiger oplopen, die vroeg:

“Mag ik naast je komen zitten?” De visser knikte en zei: “Plek genoeg voor ons tweeën.” De wandelaar vroeg: “Is dit je vaste stek?” De visser: “Ja, iedere dag rond zonsondergang zit ik hier, om tot rust te komen na een dag op kantoor.” “Inderdaad, heerlijk rustig hier” beaamde de wandelaar. De visser richtte zijn blik op zijn dobber, die even bewoog. De wandelaar zweeg, keek mee naar de dobber en dacht ‘zou hij beet hebben?’. Toen de dobber weer stillag, zei de visser: “deze wilde blijkbaar niet bijten, maar ach, daar doe ik het toch niet voor”. Wandelaar: “waarom zit je hier dan iedere dag?”. Visser: “Ik heb vooral plezier in het vissen zelf, meer dan in het vangen”.
De wandelaar knikte en zweeg. Na een tijdje zei de visser: “Weet je, als ik hier ga zitten nadenken over wat het oplevert enzo, dan komen er allerlei sombere gedachten op en zit ik hier net zo te piekeren als op mijn werk. Terwijl, als ik alleen maar op mijn dobber let, ben ik op dat moment gewoon gelukkig!”. De wandelaar knikte: “Snap ik. Dan helpt het zeker niet als er steeds mensen langskomen die allemaal vragen aan je gaan stellen”. En hij stond op en groette de visser: “nog een mooie avond verder!”.

9. LUISTEREND COACHEN
Stijl: luisteren, inleven, aansluiten (’client-centered’).
Paradigma: we zijn gelijkwaardig, helpen is niet aan de orde. Effectief als je geen duidelijke hulpvraag of probleem hebt. Of juist als je dilemma zo complex, onduidelijk of beladen voor je is, dat alle coachende technieken hierboven het alleen maar erger maken.
En als je heel veel andere type experts en coaches al hebt gehad en tot de conclusie bent gekomen dat die voor jou niet (meer) werken. Kortom, in veel situaties werkt een goede luisteraar beter dan een iemand met een goed verhaal of met allerlei 'helpende' vragen en methodes.

De volgende dag kwam dezelfde wandelaar weer langs, alleen nu ging hij op een bankje áchter de steiger zitten. Hij was weliswaar zijn hele leven lang al coach, maar hij had de neiging losgelaten om anderen ongevraagd te helpen. Hij ging ervan uit dat de visser hem wel zou roepen als hij iets wilde en hij genoot van het moment en van het uitzicht. Om de paar dagen kwam de wandelaar op het bankje achter de steiger zitten. Soms begroetten ze elkaar en soms niet. Na verloop van tijd ontstond er een wederzijds weten dat de ander er ook was.

Na een paar maanden wenkte de visser. Toen de wandelaar naast hem op de steiger zat, zei de visser: “Weet je nog dat ik over die sombere gedachten vertelde? Soms lukt het me gewoon niet om ze uit mijn hoofd te krijgen, hoe hard ik ook naar de dobber staar!”.
Toen zei de wandelaar: “dat heb ik ook wel eens, als ik op die bank achter jou zit. Dan blijven de molentjes maar draaien”. “Precies, dat!” zei de visser.
Waarop de wandelaar even ademhaalde en vroeg: “….?”

10. VRAAGGESTUURD COACHEN
Stijl: onderzoekend, afgestemd op de vraag (‘coaching’).
Iemand die eerst vooral luistert, vragen stelt en aansluit. Pas als je vraag duidelijk is, gaat deze coach meedenken over mogelijke oplossingsrichtingen. Paradigma: je bent zelf verantwoordelijk voor je eigen dilemma’s en alleen als jij dat wil, kan ik je mogelijk helpen. Vooral effectief, als je probleem sterk met je persoon verweven is. Ook in intervisie (collegiale coaching) is deze stijl gebruikelijk. Aanname: een zelf gevonden oplossing past beter bij je, dan een door anderen aangedragen of instrumentele oplossing.

Aanleiding
“Het lijkt wel of iedereen tegenwoordig coach is” zo verzuchtte een klant van me laatst. “Ik zie door de bomen het bos niet meer, met al die kreten, titels en scholen”.

Nou moet ik toegeven dat ik ook wel eens mensen coach...:).
Deze verzuchting was voor mij het zetje om dit overzicht te maken. Bedoeld voor wie op zoek is naar een coach. Ik hoop dat dit artikel je helpt om de diverse bomen in het bos beter te onderscheiden.

De meeste coaches hebben een persoonlijke voorkeur voor twee à drie stijlen, een combinatie waar ze graag mee werken. Let op voor coaches die 1 stijl min of meer heiligverklaren en die deze op alle mogelijke problemen van toepassing achten. Net zo dubieus: coaches die zeggen dat zij alle stijlen beheersen.

Als je coaching overweegt, kan het handig zijn om eerst na te denken over welke stijl het beste bij jouw vraag past. En pas daarna op zoek te gaan naar een coach, die deze stijlen beheerst (en ertussen kan schakelen).

Wat je ook kunt doen (in een oriënterend/ kennismakingsgesprek bijvoorbeeld), is goed observeren of de coach van stijl wisselt, als je je probleem eens op een andere manier formuleert of een tweede vraag voorlegt.

Veel succes bij het vinden van een passende coach!

© Erik Kooij. Tilburg, januari 2020

P.S. Wil je na het lezen van deze blog onafhankelijk advies over welke coachingsstijl het beste bij jou past? Neem dan gerust contact op. Ik denk graag met je mee.

Naar de website: coaching

Geverifieerd door MonsterInsights